Koop een boom die niet te groot is voor uw kamer.

Zet de boom niet te dicht bij gordijnen of andere makkelijk brandbare spullen.

Zet een boom niet te dicht bij warmtebronnen zoals televisie, open haard en/of radiatoren.

Zorg ervoor dat de boom stevig vaststaat, zodat hij niet omver gelopen kan worden. Als u een houten kruis gebruikt en u wilt de boom recht zetten,zet dan een voet op het kruis en duw de boom in één enkele ruk rechtop. Hier vind u een handleiding.

Plaats de boom eventueel in een met water gevulde kerstboomstandaard. Hierdoor droogt de boom minder snel uit en neemt het brandgevaar af.

Gebruik geen echte kaarsjes in de boom. Eén moment van onoplettendheid kan uw boom in een fakkel doen veranderen.

Controleer de bedrading van elektrische kerstboomverlichting op beschadigingen en probeer de verlichting eerst uit door de lampjes voor het ophangen korte tijd te laten branden.

Gebruik een gaaf en goed passend verlengsnoer en leg dat zo neer dat niemand er over kan struikelen.

Doe de verlichting uit als u gaat slapen of het huis verlaat (‘uitdoen’ is de stekker uit het stopcontact halen en niet een lampje losdraaien).

Ter verduidelijking hier een overzicht van de maten van kerstbomen. Erg vaak maken we mee dat mensen zomaar een boom van 4 meter bestellen, maar kennelijk geen idee hebben hoe imposant (en ruimtegebruikend) zo’n boom is. Dat is zonde.

Als vuistregel kun je tenslotte aanhouden dat een kerstboom ongeveer even breed is als lang! Een normale ruimte is meestal niet meer dan 2,5 meter hoog.